Belgisch Wegencongres kijkt vooruit en neemt weg ter harte

De 23ste editie van het Belgische Wegencongres zit er weeral op. Brussel was voor de eerste keer gaststad en ontving tal van professionals die betrokken zijn bij de aanleg, het beheer en de exploitatie van wegen. Vermits mobiliteit een steeds groter vraagstuk wordt, mag het niet verwonderen dat het congres expliciet inspeelde op deze problematiek. Thema’s als Smart Mobility en de toekomst van wegverhardingen kregen dan ook veel aandacht.

Het SQUARE Brussels Meeting Centre op de Kunstberg in Brussel was het toneel van het 23ste Belgische Wegencongres, dat van woensdag 4 tot en met vrijdag 6 oktober plaatsvond. In de tentoonstellingsruimte stonden goed 35 standhouders ter beschikking van de bezoekers, met informatie over hun producten of diensten. Quasi alle disciplines binnen de wegenbouw waren vertegenwoordigd.

 

Willy Goossens sprak over de mogelijkheden van circulair werken met beton, ontwerpen in functie van mogelijk hergebruik en het beperken van afvalstoffen.

 

Nadenken over de toekomst
Maar waar de meeste aanwezigen echt voor kwamen, waren de infosessies. Tijdens het twee dagen durende congres lokten de achttien geplande seminaries heel wat geïnteresseerden naar de Gold Hall, de Silver Hall en de Copper Hall. In deze prachtige zalen passeerde een breed scala thema’s de revue. Zo werd er ingezoomd op openbare ruimte als een aangename plek voor verschillende gebruikers, de duurzaamheid van wegen, openbare verlichting, kwalitatieve voetgangers- en fietsinfrastructuur, controle van verdichting, veiligheid van het wegennet, riolering, gebruik van natuursteen in de openbare omgeving, enzovoort. Het Belgisch Wegencongres wilde de sector duidelijk doen nadenken over de toekomst. Thema’s als “Smart Mobility”, “Beton voor de volgende generaties” en “Asfalt voor de toekomst” trokken dan ook meteen onze aandacht.

Betoninnovaties
In de hoek van het beton maakten we kennis met enkele innovaties die bepalend zullen zijn voor de volgende generaties. Eén daarvan is het maken van scheuraanzetten in doorgaand gewapend beton, een techniek die ontwikkeld werd door Luc Rens van Febelcem. Pieter De Winne van het Agentschap Wegen en Verkeer kwam de resultaten van een parameterstudie voorstellen die uitgevoerd werd door de UGent. “Daaruit blijkt dat het ‘fingerspitzengefuhl’ van Luc Rens, weliswaar gebaseerd op een uitgebreide ervaring, zeer betrouwbaar is”, zei De Winne. De diepte en de lengte van de zaagsnedes zijn aandachtspunten, maar minstens even belangrijk is de timing. De snedes moeten gemaakt worden binnen de 24 uur na het storten. Nadien kwam Luc Rens zelf aan het woord. In een Pecha Kucha-voorstelling (twintig slides, twintig seconden) jaagde hij er een resem innovaties in betonwegen door.

 

‘Het Belgisch Wegencongres wilde de sector duidelijk doen nadenken over de toekomst. Thema’s als “Smart Mobility”, “Beton voor de volgende generaties” en “Asfalt voor de toekomst” trokken dan ook meteen onze aandacht.’

Circulair beton
Ook in de betonwereld denkt men groen. Dat bleek uit de uiteenzetting van Willy Goossens van Groen Beton Vert. Hij sprak over de mogelijkheden van circulair werken met beton, ontwerpen in functie van mogelijk hergebruik en het beperken van afvalstoffen. Ook de betonsector moet volgens hem afstappen van het lineaire concept. “We evolueren van ‘maken, consumeren, storten’, naar het concept ‘maken, consumeren, hergebruiken/recycleren’”, stelde Goossens. “Daarbij moet er ook aandacht zijn voor urban mining: het ontginnen van grondstoffen uit de steden zelf – vooral zand.” Goossens wees erop dat steen ruim voldoende aanwezig is op aarde, maar dat zand stilaan toch wel een schaars goed begint te worden. Daarom wordt er flink gewerkt aan het recupereren van zand uit afvalbeton. Zand is, na water, immers de tweede meest gebruikte grondstof op aarde. Tot slot kwamen Margo Briessinck van het Agentschap Wegen en Verkeer en Johny Nutte van COPRO nog toelichten hoe de certificatie van wegenbeton een leidraad kan zijn bij het nastreven van kwaliteit.

 

Pieter De Winne kwam de resultaten van een studie rond scheuraanzetten in doorgaand gewapend beton toelichten.

 

Asfalt, lagere temperaturen en recycling
Ook in het asfaltwezen beweegt een en ander. Deze sessie werd geleid door Ann Vanelstraete en Stefan Vansteenkiste van het OCW. Van Steenkiste wees op het belang van het gebruik van lagere temperaturen bij de aanleg van asfalt. “Het gebruik van AVT-mengsels is vooral voor de mensen op de werf een grote stap vooruit”, vertelde hij. “Denk maar aan het feit dat er minder dampen vrijkomen en de lagere geurhinder. De watergevoeligheid van deze mengsels blijft evenwel een belangrijk aandachtspunt.”

 

Luc Rens jaagde er in Pecha Kucha-stijl een resem innovaties in betonwegen door.

 

Verjongingskuur voor asfalt
Omdat België een van de dichtste wegennetten ter wereld heeft en een groot deel van die wegen bestaat uit asfalt, spreekt het voor zich dat we in de toekomst niet al te veel nieuwe wegen meer zullen aanleggen. Waar het in onze wegenbouw vooral om draait, is het herstellen en onderhouden van de bestaande infrastructuur. Om deze wegen te recycleren, worden er verjongingsmiddelen ingezet die de levensduur van het wegdek aanzienlijk verlengen. Hoe dan ook staan er ons de komende jaren nog heel wat uitdagingen te wachten. Onder meer op het vlak van mobiliteit, stadsinrichting, duurzaamheid en milieu. Maar de wegenbouwsector zit niet stil en zoekt volop antwoorden op deze complexe vragen, zoveel is duidelijk.

 

Tekst en beeld: Michel Van den Bosch