Magazines / Nr 01 2016

Nr 01 2016

Nieuwe hoop voor ons wegennet

Het zal u allicht niet verbazen, maar 2015 was opnieuw een recordjaar voor de files op de Belgische wegen. Voor een zo- veelste jaar op rij stonden er opnieuw meer bestuurders aan te schuiven op en in de richting van knelpunten, bottlenecks en verzadigde autobanen. Het wordt stilaan een traditie die in één adem te noemen is met het uitwisselen van nieuwjaars- wensen en het klinken met collega’s bij de start van het nieuwe jaar. Een trieste realiteit die hardnekkig blijft aanhouden, in afwachting van broodnodige infrastructuurwerken en grote herinrichtingsprojecten op onze snel-, gewest- en ringwegen. Niet enkel de capaciteit, maar ook de kwaliteit van onze wegen is een steeds weerkerend punt van discussie. ‘Brokkelstaat België – 10 procent van onze snelwegen is kapot’ kopte Knack onlangs nog. ‘Het verhaal van een falende staat die ambieert de logistieke draaischijf van Europa te zijn’, kondigt de onheilspellende inleiding van het bijhorende artikel aan. Insteek van het stuk is de mankelieke staat van enkele Brusselse tunnels doordat structureel onderhoud in het verleden al te vaak op de lange baan geschoven is – ORI-topman Johan Bosschem maakt in dat opzicht al voorzichtig gewag van een ‘Tunnelgate’ en ziet bij de overheid geen langetermijnvisie voor het onderhoud van onze openbare infrastructuur.

Een andere opvallende passage in het artikel gaat over de – nochtans vaak geroemde – inhaalbeweging inzake structureel onderhoud op onze snelwegen, een grootschalige operatie die aangezwengeld werd door voormalig Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Hilde Crevits. ‘Deze is niet echt geslaagd te noemen, want tien procent van de Vlaamse snelwegen kreeg van het AWV in 2014 een onvoldoende, even veel als in 2009 en bijna dubbel zoveel als in het begin van deze eeuw’, luidt de redenering. Op de gewestwegen zou de situatie nog erger zijn, vooral in West-Vlaanderen en Vlaams- Brabant, waar nagenoeg een op vier N-wegen ernstige gebreken zou vertonen. Een harde realiteit waar huidig minister Ben Weyts echter snel komaf mee wil maken, getuige de achtentwintig grote werven op snelwegen en “honderden werven langs gewestwegen” die in de loop van dit jaar worden opgestart.

Alle discussies omtrent deze problematiek beginnen en eindigen steevast bij (het gebrek aan) budgetten. De klassieke teneur is dat het gerust wat meer mag zijn. Ook Wim Moesen, professor overheidsfinanciën aan de KU Leuven, windt er in het Knack-artikel geen doekjes om: “De regeringen voeren een gemakzuchtig budgettair beleid. We besparen op publieke investeringen, wat heeft geleid tot een inferieure infrastructuur. De Belgische politici bewandelden bij de besparingen het pad van de minste weerstand, maar dat is ook de weg van het minste verstand. Een beschaafd land geeft drie procent van zijn bruto binnenlands product uit aan publieke investeringen. Al onze overheden geven er samen slechts 1,7 procent van het bbp aan uit. Op lange termijn zal zich dat wreken.” De vergelijking met onze buurlanden liegt er niet om: al een kwarteeuw lang hinkt ons land qua infrastructuurinvesteringen sterk achterop.

Maar er is nieuwe hoop. De kilometerheffing voor vrachtwagens, die in werking treedt vanaf 1 april, zal heel wat euro’s extra in het laatje brengen om in het onderhoud van ons wegennet te voorzien. 140 miljoen euro in het komende anderhalf jaar, om precies te zijn. Al is dat lang niet het volledige bedrag dat via de introductie van de kilometerheffing zal worden opge- haald. Een substantieel deel ervan zal namelijk ook naar andere beleidsdomeinen vloeien. En dus dringt zich een retorische vraag op: zouden we de opbrengst van de kilometerheffing niet integraal besteden aan de optimalisatie van ons wegennet? “Als we het logistieke hart van Europa willen zijn, kunnen we ons immers geen minderwaardige infrastructuur veroorloven”, waarschuwt niet enkel Wim Moesen in Knack, maar ook Dominique Valcke van Stadsbader verderop in dit magazine… Wordt ongetwijfeld vervolgd…

Tim Janssens

Ik wil graag een proefexemplaar of abonnement.

Ik wil graag een: