Magazines / Nr 03 2017

Nr 03 2017

De machostrade

Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken Ben Weyts kondigde dit voorjaar grote investeringen in nieuwe fietsinfrastructuur aan. Uiteraard ging dat gepaard met het afkondigen van forse cijfers: het investeringsbudget voor de fiets zou dit jaar liefst 25 % hoger liggen dan in 2015, en tot 2019 – het einde van de legislatuur – zou er nog eens 300 miljoen euro extra in de aanleg van fietspaden, -routes en -verbindingen gepompt worden. “De magische kaap van de 100 miljoen, die in het verleden altijd onbereikbaar leek, zal voortaan dus jaar na jaar gerond worden”, klonk het vastberaden. Op deze manier hoopt de minister de pendelende Vlaming te kunnen overtuigen om de auto massaal op stal te laten staan en het stalen ros te hanteren. Snelle en comfortabele fietsverbindingen moeten ervoor zorgen dat Vlaanderen ook gedurende de werkweek een fietsstreek wordt. Het lot overgoot het gebeuren nog met een vleugje ironie, want het rijwiel van de minister werd gestolen terwijl hij dit alles met de nodige bombarie aankondigde op een persconferentie aan het station van Halle.

Hoe zal dat vele geld precies besteed worden? De focus ligt voornamelijk op de (al dan niet gedeeltelijke) realisatie van tachtig nieuwe fietssnelwegen en het wegwerken van bepaalde ‘missing links’. Staan onder meer op het programma: de verlenging van de fietsostrade tussen Antwerpen en Mechelen richting Brussel, de vervollediging van de verbinding tussen Antwerpen en Gent, de aanleg van een 79 kilometer lange fietssnelweg langs het Albert- kanaal tussen Antwerpen en Hasselt … Over enkele jaren zouden fietsliefhebbers dus probleemloos en zonder al te veel oponthoud tussen alle Vlaamse steden moeten kunnen pendelen, in een dens netwerk dat liefst 2.400 kilometer fietspaden telt.

De plannen van Weyts kunnen op bijval rekenen bij de meeste mobiliteitsexperts, al wijst Chris Tampère er wel op dat er vooral op gemeentelijk niveau nood is aan veilige en functionele fietsnetwerken. “Investeren in fietsostrades is een goede zaak, maar we mogen niet vergeten dat 95% van de fietsverplaatsingen nog steeds op lokaal en interlokaal niveau gebeurt”, benadrukt de verkeersdeskundige van het KU Leuven Mobility Research Center.

Ook Eva Van Eenoo, voorzitster van de Gentse afdeling van de Fietsersbond, vindt dat de minister de bal misslaat door zich voornamelijk op fietssnel- wegen te oriënteren. “Fietssnelwegen bedienen een zeer beperkte groep fietsers – de mannelijke langeafstandspendelaar. Waar blijven de initiatieven om de Vlaming ook voor korte afstanden op de fiets te zetten?”, vroeg ze zich af in een opiniestuk op de website van De Morgen. “De afstand waar fietssnelwegen op mikken, maakt amper 10 procent van al onze verplaatsingen uit. Bovendien gebruiken opvallend meer mannen dan vrouwen de fietssnelweg. Misschien dekt ‘machostrade’ de lading beter dan ‘fietsostrade’? Laten we het concept van de fietssnelwegen daarom breder invullen, door te erkennen dat ze ook, en zelfs vooral, voor korte afstanden een rol kunnen spelen. Het is zinvoller om nabijheid na te streven en mensen aan te moedigen om dichter bij het werk te wonen dan ze voor lange afstanden op de fiets proberen te krijgen.”

De kritiek van Van Eenoo sluit aan bij het gevoel van vele jonge ouders, die zich haast niet op de fietssnelweg durven begeven uit vrees dat hun kroost overhoop gereden wordt door fanatieke snelheidsduivels. Toch kwam er heel wat reactie op de scherpe teneur van haar schrijfsels. Fietsadept Gert Lauwaert benadrukte dat fietssnelwegen een cruciaal onderdeel van onze fietstoekomst blijven. “Niet alleen hardcore mannelijke fietspendelaars, maar ook mensen uit de omgeving, middelbare schoolkinderen en bakfietsouders passeren de revue. Voor hen vormen die kilometers fietssnelweg – tussen de 5 en 10 km die Van Eenoo ook citeert – een onmisbare schakel in een veilig en ‘conflictvrij’ fietsparcours. Bovendien zullen verschillende urbanistische trends de rol van de fietsostrade in de nabije toekomst niet enkel consolideren, maar zelfs nog versterken. De fietsostrade van de toekomst zal dus niet de machostrade zijn, maar de mashup-o-strade: de ultieme uitdrukkingsvorm van de versplinterde Vlaamse woon-werkrealiteit, waar verschillende levens voor een deel van een traject naast elkaar fietsen.”

Veel leesplezier,

Tim Janssens

Ik wil graag een proefexemplaar of abonnement.

Ik wil graag een: